# 66 A Je To!

Buurman en Buurman op de stoep. Mijn huis in Kampala moet worden aangesloten op het portofoonnetwerk van de werkgever van mijn man.

Het gebeurt me in Afrika zelden dat wat ik ervaar, is gekleurd door wat ik eerder zag in een film, een reclame of het nieuws. Onze tv speelt alleen dvd’s en ik ga zelden naar de bioscoop. In Nederland heeft beeld meer invloed op wat ik zie en voel.

Mijn lief zwaaide mij heel anders uit nadat we La meglio giuventú hadden gezien, het als epos verfilmde leven van twee Italiaanse broers. Daarin had het alledaags bestaan een lekkere lading drama. Toen ik daarna van onze boot in Waterland weg roeide, richting de wal, liet op de steiger mijn lief met nadrukkelijk gevoel zijn arm breed wuiven.

Of je ziet een klunzig ongeluk en zegt: ‘éven Apeldoorn bellen’. Mijn Afrikaanse werkelijkheid wordt minder door beelden gevormd. Maar deze morgen had ik opeens een Buurman & Buurman.
Wij kenden de twee animatiemannetjes van de VPRO niet. Mijn nicht stuurde twee dvd’s en vanmorgen stonden ze op mijn oprit. Wim en Manfred. Overgevlogen uit Nederland om een portofoonnetwerk te installeren voor de werkgever van mijn man.

Ze staan bij hun jeep driftig te rommelen in ijzeren kisten.
“Neej Wim. Ook niet. Neej, in deze kist ook niet.”
“Ow.”
Ik haal een plug om een Hollandse stekker in een Brits stopcontact te steken, en alle dozen kunnen weer de auto in.
“Okee Wim, pak je nem beet?”
“Goed Manfred.”
“Ene, tweeë…. “
“Zo.”
“Goed Wim. De volgende.”
“Ene tweeë…”
Hèhè.
“Nu het signaal testen.”

Wim zet in mijn woonkamer een zenderdoos op tafel. De batterij is leeg en dus steekt Manfred met de plug de stekker in het stopcontact. Wim schroeft een antenne in de doos. “Effe aandraaien. Ja, Manfred, zet maar aan”.
Manfred zet een schakelaar om. De twee mannen turen in hun portofoons.
“Niks hè.”
“Nee niks.”
“Zet het apparaat eens uit en weer aan.”
Nog niks.
“Kijk es of de batterij het al doet.”
“Getverdemme. De batterij is niet op. Hij is kapot.”

Wim dribbelt naar de Jeep en komt terug met een velletje vol codes. Dan maar de frequenties opnieuw instellen. Manfred staat nu op de veranda. De knop gaat weer om.

“Hoor jij wat?”
“Test eens.”
“Test 1-2 test”
“Niks nee.”
“Ow, wacht eens. Ja. Ja! Ik hoor wat. Hoor es Wim!”
“Wat hoor je?”
“Ik hoor de omroep.” Een radio-stem galmt door mijn woonkamer.

Aan de toewijding van Wim en Manfred heeft het niet gelegen, maar het signaal van de portofoonzender blijft uit. Even monter als ze gekomen waren laadden de mannen hun zenderdoos weer in. Formuliertje invullen en op naar de volgende residentie. A Je To!