# 48 Dodelijk gelovig

Antibiotica mogen volgens Augustin wel, maar aidsremmers zijn door God verboden.

In het Nsambya-Hospital vallen Augustin en zijn dochter Brenda op. Hun kleren zijn wijd van de magerte, het lompenjurkje van de kleuter laat een sleutelbeen zien. Haar hoest geeft kippenvel. In de wachtruimte voor de kassa zitten meer ouders met kinderen. Alleen zijn die volrond en goed gekleed.

Even daarvoor belde onze bewaker. Zijn kind is ziek. Hij bracht haar naar een van Kampala’s beste ziekenhuizen, maar de arts wil niet naar haar kijken als Augustin niet eerst betaalt. Twee maanden geleden overleed hier zijn zes maanden oude baby Jerome aan een malaria die gepaard ging met longontsteking. Ook toen betaalden wij de doktersrekening. Alleen vonden we later dat we dat eerder hadden moeten doen.

Ik geef hem een bedrag ter grootte van zijn maandsalaris. In de namiddag bel ik. Het meisje heeft longontsteking en waarschijnlijk tuberculose. Met een lading antibiotica gaan ze naar huis.

Als ik maandagmorgen onze kok vertel dat Augustin opnieuw een zwaar ziek kind heeft, kijkt ze bezorgd. Ik stel haar gerust: “We zijn nu op tijd naar het Nsambya gegaan.” Zij aarzelt even. Zegt dan toch: “Maar daar onderzoeken ze geen dingen waar je niet om vraagt.” Ik snap haar niet. Het lijkt mij logisch dat ze niet in het wilde weg maar op basis van klachten gaan testen. Dan noemt ze man en paard: “hiv aids”.
Ojee ja. Al zouden hulporganisaties en de Verenigde Naties de aidscijfers dik hebben aangezet om westers geld te laten vloeien, in het hart van Afrika telt vrijwel elke familie zijn doden. En Augustin en zijn familieleden zijn ziek als in een estafette. Altijd iets met de longen. Die avond staat Augustin weer bij de poort. We vragen hem of hij zijn gezin heeft laten testen. Dat deed hij, in 2005. Hij, zijn vrouw en Brenda hebben aids. De andere twee overgebleven kinderen niet, zegt hij. Slikken ze de aidsremmers die in overheidsklinieken gratis te krijgen zijn? Hij schudt het hoofd. “The Lord Jesus Christ will save me.”

Dag en nacht leest Augustin de bijbel. De predikant in een van de honderden ‘charismatische’ protestantse kerken zei hem dat de heer niet wil dat je pillen slikt. De devotie is in een klap zijn onschuld kwijt. Seropositief getest kregen hij en zijn vrouw wel nog twee kinderen.

Even boos als bezorgd staan we tegenover de magere man. “Aidsremmers zijn deel van de schepping van de heer”, probeert mijn lief. En: antibiotica mogen toch ook? Dan: We kunnen geen ziekenhuisrekeningen blijven betalen als jullie geen aidsremmers slikken. Ons ultieme argument: Je mag je kinderen niet de nodige medicijnen onthouden. Met Augustin komen we er niet uit. Die nacht slaap ik slecht. Er repeteert een rijmpje in mijn hoofd: Je vader is een idioot. Ga jij maar lekker dood.

**
Dodelijk gelovig versceen in De Pers van 17 september 2008